Foto:

'Nooit meer lopen' of keihard vechten

De artsen zeiden dat hij zijn zesde verjaardag niet zou halen. Hij is inmiddels 26 jaar. Hij zou nooit meer kunnen lopen, maar wist zich bijna te kwalificeren voor het snowboarden op de Paralympics. Hij lijkt een medisch wonder, maar zijn enorme vechtlust heeft hem wel het meest geholpen.

door Hannie Schrijver

Huissen – Mike Ultee was pas vijf jaar oud toen hij ineens een steek voelde in zijn hoofd. "Ik begon te brabbelen. In mijn hoofd praatte ik normaal, maar mijn ouders zagen wat anders. Ze zagen de paniek en de pijn in mijn ogen en wisten gelijk dat het foute boel was."

In het ziekenhuis begon het medische circus. "Er waren drie mogelijkheden voor wat ik had. Een hersentumor en hersenbloeding werden al snel uitgesloten. Een herseninfarct kon gezien mijn leeftijd en in deze gradatie niet." Maar Mike bleek toch een herseninfarct te hebben. "Alle artsen wilden met mij werken, omdat mijn geval zo uniek was. Ze zeiden tegen mijn ouders: 'neem maar afscheid, want hij gaat dood'. Ze snappen nu nog steeds niet hoe ik dat heb overleefd."

Mike raakte verlamd aan de hele rechterhelft van zijn lichaam en kreeg spasmen. Maar hij bleek een ontzettende drive te hebben en begon te vechten. "Die gedrevenheid heb ik van mijn ouders. Zij hebben mij altijd gestimuleerd, maar nooit gedwongen. Je kan als ouder zeggen 'dat kan je niet', maar je kan ook zeggen 'wil je lopen, dan gaan we stapje voor stapje aan de hand'. En zo ging het ook met praten en met fietsen. Ik wilde een normale jeugd hebben en mijn ouders en twee broers hebben mij heel erg gestimuleerd. Ik moest en zou weer kunnen lopen en praten. Als we de medici hadden gevolgd, zat ik nu nog in een rolstoel."

En Mike kan veel. Hij loopt, fietst, praat, sport en werkt als instructeur in een sportschool. Hij moest er wel keihard voor werken, met veel fysiotherapie en logopedie. "Kan niet bestaat niet. Dat is een beetje mijn levensmotto geworden."

Dankzij een ijzersterke linkerarm werd hij ontdekt door het Olympisch Comité. Hij kwam via discuswerpen en kogelstoten bij het snowboarden terecht. "Ik trainde voor de Spelen van 2022, maar omdat het zo goed ging, ging ik voor PyeongChang vorig jaar." Op een paar honderdste seconde na wist hij zich niet te plaatsen. Hij heeft besloten het niet opnieuw te proberen. "Ik heb er vier jaar lang voor getraind en heb er alles voor gelaten. Als je je dan niet weet te plaatsen is dat zwaar. Je weet dat het erin zit, maar door je beperking komt het er niet uit. De spanning en stress rond zo'n wedstrijd en spasmen die ik daardoor krijg, werden gewoon te zwaar voor me."

Ondanks zijn vechtlust, is zijn handicap soms toch lastig. "Mijn rechterkant staat altijd onder spanning en dat is heel vermoeiend. Ik heb een kortere concentratieboog en ben snel overprikkeld. Ik wil mezelf vooruitstreven, maar loop soms toch tegen de beperking aan. Maar ik heb de leukste handicap die er is. Het heeft me gemaakt tot wie ik ben. Ik ben iemand die optimaal van het leven geniet en weet hoe het ook anders kan."

Meer berichten